Dysfagie wordt niet altijd opgemerkt en is daardoor een van de mogelijke oorzaken van ondervoeding bij ouderen. Wanneer dysfagie opgemerkt is, begeleidt een logopedist het traject. De logopedist bepaalt het niveau van consistentie waar het eten en drinken aan moet voldoen. Het IDDSI-model bepaalt de niveaus van consistentie. Het IDDSI-model staat voor het International Dysphagia Diet Standardization Initiative model. In dit artikel vertellen wij meer over dit model.

Verschillende niveaus

Het IDDSI-model bestaat uit 8 niveaus die onder te verdelen zijn in drie categorieën. Onder categorie 1 vallen niveaus 0 t/m 3. Deze categorie gaat over dunne en dikke dranken. Voorbeelden van dikke dranken zijn smoothies en pap. Onder categorie 2 valt niveau 4. Dit niveau gaat over eten en drinken. In beide gevallen wordt het eten tot een zeer dikke vloeibare consistentie gemalen. Onder categorie 3 vallen niveaus 5 t/m 7. Dit niveau gaat over eten.

Niveau 0 t/m 3

Niveau 0 is dun vloeibare voeding. Het eten stroomt als water en is te drinken met een rietje. Voorbeelden hiervan zijn vruchtensap of thee. Niveau 1 is licht vloeibare voeding. De voeding is iets dikker dan water en dit zorgt ervoor dat het drinken door een rietje iets meer inspanning kost. Niveau 2 is matig vloeibare voeding en heeft alleen betrekking op dranken. Door deze dranken aan te dikken in dit niveau verhelpt het verslikkingsproblemen. Niveau 3 is dik vloeibare voeding. Deze voeding kan uit een beker gedronken worden. Het is bij dit type voeding aan te raden om het in een glas, beker of schaaltje te presenteren, aangezien de voeding zijn vorm niet behoudt. Voorbeelden van type voeding in niveau 3 zijn havermoutpap of een dik vloeibare maaltijd.

 

Iddsi framework voor slikproblemen

Niveau 4

Voeding in niveau 4 is gladgemalen en zeer dik vloeibaar voedsel. Cliënten die dit voedingsadvies krijgen, hebben vaak meerdere problemen naast pijn in de mond of last tijdens het slikken. Denk aan neurologische problemen, medische problemen of problemen door medicijn gebruik. Binnen dit niveau en de komende niveaus is het noodzaak de consistentie zeer precies uit te voeren. Voorbeelden zijn gladgemalen voedsel zonder klontjes, appelmoes of kwark. Lees ook deze 6 tips voor ouderen met slikproblemen.

 

Beschuit met aardbei iddsi care culinair website

Niveau 5 t/m 7

Categorie 3 is toepasbaar op niveau 5 t/m 7. Deze categorie gaat over eten, onder te verdelen in fijngemalen eten waar geen stukjes in voor komen, zachte producten en een normaal dieet met ook harde producten. Eten in Niveau 5 mogen zeer kleine klontjes van zachte bestandsdelen bevatten. Deze vorm van voeding wordt meestal geadviseerd bij pijn en vermoeidheid bij het kauwen. Voorbeelden van voeding in dit niveau zijn brood pap of gemalen maaltijden. In niveau 6 is het voedsel zacht en kleingesneden, zoals brood zonder korst. In niveau 7 is het voedsel normaal en makkelijk te kauwen. Onder makkelijk te kauwen producten vallen bijvoorbeeld gebakken vis en een pastagerecht met saus.

 

Omdat er nog weinig IDDSI-recepten in omloop zijn, hebben wij gratis receptenboeken opgesteld. Hier kun je deze receptenboeken downloaden.

Verschillende tests

Binnen het IDDSI-model worden verschillende tests uitgevoerd om te kijken of de voeding tot de juiste consistentie behoort. Deze verschillende tests zijn toepasbaar binnen verschillende niveaus. Zo zijn de vorkdruk test en de vingertest allebei toepasbaar op niveau zeven, niveau 6, niveau 5 en niveau 4. Dit is ook het geval voor de vorkdruppel test en de lepel kantel test. Beide zijn toepaspaar op de niveaus drie, vier en vijf. Ben je benieuwd naar meer tips over dit model? Lees dan snel dit artikel!

Praktijkgerichte training ‘Dat is even Slikken’

In dit artikel is de basis aan informatie over het IDDSI model besproken. Dit model behandelen we uitgebreid in onze praktijkgerichte workshop ‘Dat is even Slikken’. Deze training met drie workshops is gericht op eten en drinken in de praktijk voor ouderen met dysfagie. Ook voor jouw organisatie is het mogelijk om meer kennis te vergaren over slikproblemen bij ouderen. Neem vrijblijvend contact met ons op om te kijken naar de mogelijkheden voor ‘Dat is even Slikken’ binnen jouw organisatie.

Bij Van Neynsel zijn 36 medewerkers, onderverdeeld in drie groepen, bezig met de opleiding Voeding en Hospitality in Zorg en Welzijn (K1137). Een speciaal project voor projectleidster Emmy Verhulsdonck, aangezien ze zelf 19 jaar lang bij Van Neynsel in dienst was. Nu werkt ze samen met haar oud-collega’s en geeft ze vanuit het perspectief van Care Culinair advies.

Gewenste doelen stellen

Bij Van Neynsel wonen mensen met en zonder zorgvraag en mensen met dementie, verdeeld over de verschillende locaties in ’s-Hertogenbosch en Vught. Care Culinair en Van Neynsel streven er naar om het personeel zó op te leiden dat ze samen kartrekker worden op het gebied van eten drinken. Per woning gaan twee medewerkers de opleiding Voeding en Hospitality in Zorg en Welzijn volgen.

Opleidingspartner

Om de flexibiliteit van de opleidingen te vergroten heeft Care Culinair ervoor gekozen om een andere weg in te slaan. In samenwerking met opleidingspartner ORGB zorgen ze ervoor dat op maat afspraken gemaakt worden met medewerkers. Zij kunnen zelf interactieve sessies en praktijktoetsen inplannen; een stuk soepeler dan bij de grote opleiders. De workshop is plaats- en tijdonafhankelijk maar mét een persoonlijke aanpak. Dit geeft de deelnemers de ruimte om zelf alles in te plannen op momenten dat ze zelf tijd hebben. Het is daardoor voor veel medewerkers goed te combineren naast hun eigen werkzaamheden.

60 deelnemers aan het ‘Koken is Leuk!’ leertraject

Het project bij Van Neynsel is bedoeld om uiteindelijk 60 medewerkers op te leiden. “Op dit moment volgen 36 personen het ‘Koken is Leuk!’ traject. We hebben voor drie groepen een kick-off gegeven. Dit is bijzonder omdat we rekening hebben moeten houden met alle vakanties van de verschillende deelnemers. Binnen dit leertraject heeft iedereen zijn of haar eigen traject en dit houdt ook in dat iedereen een eigen planning aanhoudt”, vertelt Emmy Verhulsdonck.

De workshops die de deelnemers in dit traject volgen zijn digitaal. Ze krijgen een film en een vragenlijst met daarbij en praktijkopdracht toegestuurd. De deelnemers moeten de praktijkopdrachten en vragenlijsten voorbereiden voor de interactieve sessies die ze daarna hebben met de begeleiders.

Leerzame ervaring

De deelnemers bij Van Neynsel zijn erg enthousiast. De groep is heel divers, ook qua opleidings- en functieniveau. Zo zijn er kookmaatjes, zorghulpen en helpende en verzorgende IG’s. Britt Smetsers volgde de opleiding en is werkzaam op de locatie Boswijk woning 1. Een aantal hoogtepunten van haar deelname aan deze workshop beschrijft ze als volgt:

“Ik heb deze keer veel geleerd over het samenstellen van een menu. Normaal gesproken wordt dit door een collega gedaan bij ons op de woning. Met behulp van de Schijf van Vijf ben je ook bewuster menu’s aan het samenstellen, hierdoor eten de cliënten niet te veel van hetzelfde. Het uitgangspunt blijft natuurlijk dat het wel lekker moet zijn. Afgelopen week zijn we in gesprek gegaan met verschillende cliënten over hun favoriete eten en drinken. We hebben ook besproken wat voor eten ze totaal niet lekker vinden. Het meeste wist ik al van onze cliënten, maar door soms wat door te vragen komen er ook leuke verhalen naar boven.”

 

Extra digitale workshop met Daily Fresh Food

De medewerkers van Van Neynsel maken al gebruik van het bestelsysteem van Daily Fresh Food. Toch valt er meer uit het systeem te halen dan de meesten weten. Daarom is contact opgenomen met Daily Fresh Food. Het resultaat is een verhelderende instructievideo met Culinair Adviseur Hans Jongejan. Dit is als onderdeel ook in de workshop meegenomen. Zeker voor nieuwe medewerkers die het ‘Koken is Leuk!’ traject gaan volgen is dit een waardevolle toevoeging.

Begeleiding tijdens de opleiding

Bij Van Neynsel zijn per locatie twee tot drie mensen aangesteld als werkbegeleider. Dit team bestaat per locatie uit minimaal een Teamcoach en een Coördinator eten & drinken. Het gehele team ondersteunt de deelnemers tijdens het leertraject. Om de medewerkers zo goed mogelijk te begeleiden tijdens het leertraject, beoordelen beide begeleiders op locatie de praktijkopdrachten. De begeleiders kijken voornamelijk of de beschreven processen ook zo zijn uitgevoerd als is afgesproken bij Van Neynsel. De beoordeling van de opdrachten wordt dus altijd door twee kanten gedaan: door de studiecoach van Care Culinair en de werkbegeleider vanuit Van Neynsel. Deze dubbele verificatie waarborgt de kennisoverdracht zodat medewerkers meteen de juiste, nieuwe handelingen toepassen op de werkvloer.

 

De eindsessies van dit leertraject vonden plaats op 23 augustus, 8 september en 22 september. Door de flexibele planning was het mogelijk om in de zomervakantie rekening te houden met de vakantieplannen van deelnemers én de organisatie. Na de eindsessies en de praktijktoets in november komt als afsluiter de uitreiking waar hoogstwaarschijnlijk alle deelnemers trots het certificaat mogen ontvangen.

Care Culinair verzorgt optimalisatietraject én interim teamleiderswerk voor Menu Surplus.

Corona heeft nog steeds een impact op de zorgsector. Veel medewerkers vallen uit en de vraag naar interim medewerkers neemt toe. Zo ook bij Surplus in West-Brabant. Ruud Verkaaik begon in april als teamleider productie bij Menu Surplus. Deze interim positie in Zevenbergen gebruikt hij om het proces in de centrale keuken te optimaliseren met de handvaten van Care Culinair. Op 1 juni is het optimalisatietraject van start gegaan met Ruud als projectleider. Collega Marco van de Brink heeft de taak als interim teamleider productie op zich genomen.

Menu Surplus

Menu Surplus is de eigen maaltijdproducent van Surplus en levert per dag ongeveer 2000 maaltijden aan zowel nabijgelegen zorginstellingen als particulieren. Hieronder vallen ook de menu’s van maaltijdservice Tafeltje Dekje. De samengestelde maaltijden worden thuisbezorgd en na het verwarmen van de maaltijd is het etenstijd. Al met al vergt het proces bij Menu Surplus veel inzicht, tijd en liefde voor het vak. Om slimmere processen in te richten binnen de organisatie helpt Care Culinair met een optimalisatieplan voor Menu Surplus. Ook de ondersteuning en service die Menu Surplus aan de woonzorglocaties van Surplus kan geven, worden hierin meegenomen. Zodat Menu Surplus als lokale maaltijdleverancier een nog grotere meerwaarde kan bieden.

Het verfrissende perspectief dat Ruud Verkaaik brengt zorgt ervoor dat Menu Surplus als organisatie optimaal gaat produceren. Zo zal dit resulteren in kwalitatief betere maaltijden én leidt het uiteindelijk tot kostenvermindering door onder andere het uitsparen van voedselverspilling.

 

Een nieuwe planning en teambuilding

Op dit moment werkt Menu Surplus met drie teams: voedingsadministratie, productie en portionering. Het doel van Care Culinair is om deze drie samen te voegen en daarvan één goedlopend team te maken. De grootste verandering is het beter concretiseren van de werk- en dienstomschrijvingen. Het basisrooster wordt opgezet vanuit deze werkomschrijvingen.  Volgens Ruud is het effect in personele inzet nu al zichtbaar: “Bij een organisatie zoals Menu Surplus is het erg belangrijk dat planningen en omschrijvingen uitwisselbaar zijn. Als er iemand in je organisatie uitvalt, kan iemand anders die taak oppakken. We willen er daarom ook voor zorgen dat alle werknemers als één team gaan werken zodat er geen eilandjes ontstaan. Zo kan de organisatie flexibeler opereren.”

In een vernieuwde werkomschrijving staat bijvoorbeeld welke taken de medewerker uitvoert en hoe zijn of haar dag eruitziet. Hierdoor schuiven taken makkelijker door binnen de organisatie. Vooral tijdens vakantieperiodes en afwezigheid wegens ziekte. Dit maakt het nieuwe systeem goed uitwisselbaar tussen productie en portionering.

Flexibel inzetbaar

De collega’s bij Menu Surplus hebben nu meer inzicht in de werkzaamheden en vinden het ook fijn dat ze breder inzetbaar zijn binnen het bedrijf. Iedere werknemer heeft natuurlijk zijn of haar voorkeuren. De fusering van het portioneringsteam en de productieploeg is nog in ontwikkeling maar samen ontdekken ze al de andere kant van het vak. ‘’Soms vinden ze het zelfs leuker dan wat ze voorheen deden, het gaat steeds meer leven.” merkt Ruud op. Er wordt zo veel mogelijk rekening gehouden met de kwaliteiten en voorkeuren van de werknemers. Deze aanpak creëert ook meer zelfstandigheid bij de medewerkers, met als bijkomend voordeel dat het werkgeluk stimuleert.

 

Duurzaam inkopen met een verbeterde receptuur

Als kenner in de zorg brengt Care Culinair naast leiderschap ook innovatie op receptuur met zich mee. Wanneer dit project eind dit jaar afgerond wordt zullen de maaltijden strak op receptuur bereid en geproduceerd zijn om een hoge kwaliteit voor de cliënten te waarborgen. Ook duurzaamheidsdoelstellingen ontbreken niet in de aanpak van Care Culinair. Voedselverspilling tegengaan is een van de belangrijkste factoren om de impact op het milieu en de kosten terug te dringen. Neem bijvoorbeeld de voedingsdagprijs, daar speelt Menu Surplus met het gebruik van een nieuw voedingsadministratiesysteem beter op in. De recepten van Surplus en Care Culinair worden hierin gekoppeld aan het aantal bestellingen. Het systeem berekent de juiste hoeveelheid ingrediënten om af te nemen bij de groothandel om voedselverspilling te voorkomen. Zo dragen Surplus en de maaltijdafnemers binnenkort extra bij aan een gezonder milieu.

Goed georganiseerd de toekomst in

Sinds de komst van Ruud Verkaaik als projectleider bij Menu Surplus is de structuur aangepakt. De komende maanden staan in het teken van efficiëntie en kostenbesparing. Medewerkers gaan ondertussen aan de slag met verbeterde recepten en inzichtelijke kwaliteitscontroles die ze zelfstandig en in groepsverband uitvoeren.

 

Bent u benieuwd naar wat een interim teamleider voor uw organisatie kan betekenen? Neem contact met ons op via: https://careculinair.nl/contact/

 

Wij denken graag met u mee!

         

 

Door verschillende expertises samen te brengen, is het mogelijk gemaakt om via één aanspreekpunt organisaties te adviseren en te begeleiden in alle vrijwel alle facetten van het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Vanuit de behoefte in de zorgsector om duurzame bedrijfsvoering te verbeteren, heeft een aantal bedrijven een kennisplatform opgericht om hierin ondersteuning te kunnen bieden.

 

Met het platform DidZ, bestaande uit de Eetgemak Groep, de ICS Groep, Care Culinair, @Arbo en Orbisk, wordt advies en begeleiding geboden voor een duurzame bedrijfsvoering van de zorgorganisaties die in lijn ligt met de “Green Deal Duurzame Zorg voor Gezonde Toekomst”.

 

De gezondheidszorg wordt enerzijds geconfronteerd met de effecten van klimaatverandering op de gezondheid. Anderzijds draagt de zorgsector bij aan milieueffecten en klimaatverandering als een van de vervuilers. Het tegengaan van klimaat- en milieueffecten is daarom in het belang van de zorgsector. In de ‘Green deal Duurzame Zorg voor een Gezonde Toekomst’ zijn hiervoor afspraken vastgelegd.

 

“Iedereen is wel bekend met de term ‘Alleen ga je sneller, samen kom je verder’. Wij zijn dan ook ontzettend blij om te mogen melden dat het ons gelukt is om een platform op te zetten waarin wij met elkaar het verschil gaan maken op het gebied van duurzame zorg”, aldus Tim de Vos van de Eetgemak Groep, één van de initiatiefnemers. Het platform wil zorgorganisaties bewust maken van de mogelijkheden die er zijn om de bedrijfsvoering duurzamer te maken en kosten te besparen. Hierbij valt te denken aan mogelijkheden op het gebied van maaltijdoplossingen, advies op afval en waterverbruik, soft en hard services met besparingspotentieel, trainingen en duurzame inzet van personeel.

 

Meer weten? Kijk voor meer informatie op www.didz.info

Archipel gaat de kwaliteit van eten en drinken verder optimaliseren door kennis en kunde toe te voegen aan de ruim 300 woonondersteuners en woon(zorg)begeleiders.

Vorig jaar maakte Archipel via een pilot van Care Culinair al kennis met het leertraject ‘Koken is Leuk!’. Dat beviel goed, vandaar dat Marianne Mutsaers (Manager facilitaire diensten bij Archipel) en Stefan Klaassen (HR-coördinator Talent en Ontwikkeling) een 3-jarig contract tekenden met Care Culinair. In oktober start de eerste groep zorgmedewerkers belast met het vormgeven van eten en drinken in woongroepen met de opleiding. In de komende jaren worden alle collega’s getraind, ook die in de loop van de tijd nieuw in dienst treden.

Tijdens de zes workshops en twee interactieve sessies van Koken is Leuk! leren deelnemers een gevarieerd weekmenu samen te stellen, geïnspireerd door de Schijf van Vijf. Maar ook diverse andere aspecten rondom goede voeding komen aan bod, zoals hybride koken, regenereertechnieken, ambiance rondom de maaltijdmomenten en het verminderen van voedselverspilling.
Tekenmoment zorgorganisatie Archipel en Care Culinair

Op de foto v.l.n.r: Stefan Klaassen (HR-coördinator Talent en Ontwikkeling), Marc Duijzer (Care Culinair). Marianne Mutsaers (Manager Facilitaire Diensten Archipel), en Jeroen Krielaart (Care Culinair).

Voor de negen Advieskoks van Archipel ligt er een bredere uitdaging. Ze krijgen extra (coachende) trainingen zodat ze hun (zorg-)collega’s die zich met voeding bezighouden na de training optimaal kunnen ondersteunen. Hiermee zorgt Archipel dat de opgedane kennis van zorgmedewerkers wordt geborgd en uitgebouwd. De Advieskoks hebben een rol in het oplossen van complexe voedingsvraagstukken, gevraagd en ongevraagd adviseren van zorgteams, specifiek de woonondersteuners en woon(zorg)begeleiders. Zij zijn van groot belang om het eten en drinken dagelijks professioneel en met passie te waarborgen binnen de totale organisatie. Zij verzorgen ‘Coaching on the Job’ sessies om een goede voortzetting te garanderen voor huidige én nieuwe medewerkers.

Zo verbetert Archipel structureel de kennis en kunde van de zorgmedewerkers op de afdelingen. In dienst van lekker, gezellig en gezond eten en drinken voor de cliënten!

Wij kijken uit naar de kick-off voor de eerste groep in oktober!

Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is op dit moment bezig met het programma WOZO – Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen. Samen met partners wil het Ministerie bereiken dat ondersteuning en zorg zich aanpassen aan de voorkeur van ouderen om zo lang mogelijk regie op het eigen leven te houden. Dit zal een grote verandering met zich meebrengen voor de langdurige ouderenzorg in Nederland.

Waar bestaat het WOZO programma uit?

Het doel van het programma is om ervoor te zorgen dat de ouderenzorg ook in de toekomst past bij de wensen van de ouderen. Daarmee wil de overheid de zelf-en samenredzaamheid van de ouderen vergroten, goede ondersteuning en zorg op de juiste plekken leveren en zorgverleners daar inzetten waar ze het hardst nodig zijn. Bij WOZO staat de leef-vraag van de ouderen centraal, in plaats van de zorgvraag. Eten en drinken heeft hier een groot aandeel in. Er komt daardoor een focusverlegging in de langdurige zorg van ‘zorg en welzijn’ naar ‘welzijn en zorg’. Iets wat Care Culinair al langer bepleit en praktiseert. Om deze transitie vorm te geven zijn drie pijlers opgezet om de strategie te concretiseren. ‘Zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan.’

Zelf als het kan

Met de pijler: zelf als het kan, wil de overheid ouderen stimuleren en faciliteren bij het behouden van de regie over het eigen leven, de sociale contacten en de gezondheid. Daarmee worden ouderen gestimuleerd om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor de wijze waarop zij wonen, hun sociale contacten te onderhouden en hun welzijn en gezondheid op peil te houden. Voeding is hierin een niet te onderschatten onderdeel.

Thuis als het kan

Bij maaltijdenservices zoals Tafeltje Dekje kunnen ouderen verschillende maaltijden samenstellen en bestellen voor iedere dag in de week. Dit sluit goed aan bij de volgende pijler: thuis als het kan. Met deze pijler wil de overheid ouderen stimuleren zo lang mogelijk in hun eigen vertrouwde leefomgeving te blijven wonen en wanneer dit niet kan, te wonen bij mensen waar ze zich thuis voelen. Mochten ouderen last hebben of moeite hebben met eten, is een maaltijdservice een goede oplossing. Cliënten kunnen zelf de portiegrootte aangeven, waarbij men naast dieet en/of allergieën rekening houdt met een gesneden of gemalen bereiding. Door de juiste voeding eenvoudig aan te bieden is het mogelijk dat ouderen langer zelfstanding blijven wonen en extramurale zorg krijgen in bijvoorbeeld een hulpwoning.

Digitaal als het kan

Online een praatje maken over lievelingsgerechten, beeldbellen met de kleinkinderen en een automatische medicatieherinnering. Het hoort allemaal bij de derde pijler: ‘digitaal als het kan’. Hierbij ligt de focus op het ondersteunen van ouderen via digitale oplossingen, ook kilometers verderop. Gebalanceerde voeding is een belangrijk onderdeel voor ouderen om vitaal en zelfstandig oud te worden. Merkt een zorgmedewerker op dat de client minder goed eet, dan kan er op afstand een logopedist inspringen voordat de situatie verergert. Zo kan elke zorgorganisatie precies de juiste zorg(hoeveelheid) bieden.

Strategische verandering

Voor vele zorgorganisaties is de strategische focusverlegging van zorg en welzijn naar welzijn en zorg nodig om langdurige zorg aan te kunnen bieden naar de specifieke wensen van ouderen met een zorgvraag. Care Culinair vertaalt deze broodnodige focusverlegging naar een concrete strategie met een duidelijke visie. Eten en drinken speelt in vele aspecten een niet te onderschatten rol om deze transitie in gang te zetten. Het is namelijk laagdrempelig, zeer zichtbaar en heeft een relatief grote impact op het dagelijks leven. De ervaring leert dat een dergelijke transitie in de praktijk het beste werkt wanneer eten en drinken slim worden georganiseerd. Hierin zijn kennis en kunde van medewerkers en een dienstbare houding, met de focus op iedere bewoner, cruciaal. Vooral langdurige intramurale zorg heeft baat bij de ingang van het WOZO programma. Er is meer aandacht voor de huidige uitdagingen en toekomstbestendige zorg.

Hoe kan ik mijn proces op gebied van eten en drinken verbeteren én minder voedsel
verspillen?

Dat was de vraag van bestellers van eten en drinken bij Van Neynsel. Care Culinair werkt graag volgens de driehoek Zorg – Leverancier – Care Culinair, daarom heeft Emmy Verhulsdonck samen met Daily Fresh Food de workshop geoptimaliseerd. De eerste groepen hebben de workshop al succesvol gevolgd, in het najaar volgt de laatste groep.

Hans Jongejan, culinair adviseur van Daily Fresh Food en Emmy Verhulsdonck hebben een praktische video gemaakt die wordt toegevoegd aan de online workshop Bestellen en Voorraad. Deze workshop is een onderdeel van de opleiding Voeding & Hospitality in Zorg en Welzijn (K1137) van Care Culinair. De opleiding Voeding & Hospitality is de verdiepingsslag op het kookmaatje dat reeds succesvol is geïmplementeerd. Bij deze training zoomen we meer in op minder waste van eten en drinken en kijken we ook naar wat de bewoner echt wil op het vlak van eten, drinken en gastvrijheid.

Care Culinair en Daily Fresh Food werken al enkele jaren samen bij Van Neynsel op het gebied van opleiden en trainen. De woonondersteuners en bestellers worden getraind en begeleidt hoe ze de warme maaltijd zo optimaal mogelijk kunnen organiseren en bereiden, ze worden echte Kookmaatjes!


In 2015 is de eerste Green Deal in de zorg gestart, genaamd: Nederland op weg naar duurzame zorg. Het doel? Verduurzaming van de zorgsector. In 2018 is hier versie 2.0 uit voortgekomen, met als naam Green Deal – Duurzame Zorg voor Gezonde Toekomst.

De Green Deal Duurzame Zorg voor Gezonde Toekomst

De Green Deal zal lopen tot 10 oktober 2022 en telt op dit moment meer dan 260 aangesloten organisaties. Met een jaarlijkse bijdrage van 7% aan de totale Nederlandse uitstoot van CO2, is binnen de zorgsector enorm veel winst te behalen.

Deelnemers aan deze Green Deal proberen de CO2-uitstoot in de zorg terug te dringen. Daarnaast willen ze het circulair werken bevorderen, reductie van medicijnresten in grond-/oppervlaktewater realiseren en het stimuleren van een gezondheidsbevorderende zorgomgeving. De aangesloten bedrijven en organisaties kunnen door hun deelname profiteren van de uitwerkingen van duurzame ideeën, die gemaakt zijn tijdens deze Green Deal, en kunnen zo doorgroeien naar een betere concurrentiepositie. De uitkomsten van een Green Deal leveren een belangrijke bijdrage aan groene economische groei.

Voedselverspilling is in strijd met duurzaamheid, maar staat voor nog veel meer!

Voedselverspilling in de zorg is een grote uitdaging. Metingen tonen dat van de ingekochte voedingsmiddelen gemiddeld al snel 25% tot 40% wordt verspild. Bedrijven gaan hierdoor minder efficiënt om met hun budgetten en de verspilling is daarnaast onnodig milieubelastend. Bovendien kan een dergelijke voedselverspilling erop wijzen dat bijvoorbeeld het voedingsproces niet goed is ingericht of dat kennis en kunde verbeterd moeten worden. Cliënten die niet goed eten en drinken hebben een intensievere zorgvraag. Dit is sociaal onwenselijk, duurder en vaak moeilijk op te lossen doordat er personeelstekorten zijn om deze intensievere zorgvraag op te vangen. Door in kaart te brengen waar in de keten voedselverspilling plaatsvindt, kan een oplossing worden gezocht voor een duurzamere organisatie.

Scraps on the table. Empty plate with leftover food

Het belang van voedselverspilling meten

In de langdurige zorg wordt de zorg uitgevoerd door zorgteams. De teams die actief bezig zijn met eten en drinken moeten idealiter elke dag gesprekken aangaan met de zorgverlener en cliënten. Professionals kunnen veel leren van de behoeftes en verwachtingen van de cliënt, zeker wanneer het langdurige zorg betreft. Er blijkt vaak een groot gat te zitten tussen de verwachtingen van de cliënt en zorgverlener. Dit kan al snel leiden tot voedselverspilling. Bij langdurige zorg is voeding juist een belangrijk onderdeel. Cliënten moeten betrokken worden bij het proces rondom het eten. Dit zorgt ervoor dat ze beter gaan eten.

In de langdurige zorg is het tegengaan van voedselverspilling nog belangrijker. Cliënten verblijven er langer en brengen een groot deel van hun verblijf door in hun eigen woongedeelte. Hier is minder assistentie mogelijk en de gevolgen van ondervoeding zijn hierdoor een stuk groter. Voedselverspilling is een goede meetgraad voor de efficiency van het gehele voedingsproces. Het kennen van voedselverspilling, het weten waar in het proces de verspilling plaatsvindt en de reden van verspilling weten, is erg belangrijk om zo gericht het voedingsproces te verbeteren. Het meetbaar maken van voedselverspilling moet daarom onderdeel zijn van het voedingsproces. Meten is weten. Aan de hand daarvan kun je gericht bijsturen en begrijpen medewerkers wat ze zelf kunnen verbeteren. Daarmee is het een belangrijk element van het eigen borgingsproces van de zorgorganisaties.

Leftover food from a plate being thrown into a waste bin filled with food scraps

Voedselverspilling langdurige zorg

In de langdurige zorg wordt voeding steeds vaker bereid op afdelingen in zorginstellingen. De bereiding van voeding vindt vaak plaats buiten het zicht van managers en food professionals. Anderzijds betekent het decentraliseren dat het bereiden dichter bij de tijd en plaats van het eten en drinken door cliënten plaats vindt. Aanbod en vraag zitten dichter bij elkaar en het ruiken, zien en horen van het bereiden stimuleert beter eten en drinken.

Daarom is het van groot belang dat in kaart wordt gebracht waar de verspilling heeft plaatsgevonden. Dit geeft zo niet alleen een indicatie of de voorraden wel efficiënt zijn en of het bereiden goed is gepland. Maar ook of het eten en drinken wel goed aansluiten op de specifieke wensen en behoeften, mogelijkheden en beperkingen, van iedere bewoner. Het gaat dan om smaak en of bijvoorbeeld de opmaak van het bord past bij de waarneming door een bewoner met een bepaalde vorm van dementie. Het kan zelf al een vroegtijdige indicatie zijn van veranderende problemen met slikken. Op dit moment wordt er op de afdelingen en woonunits nauwelijks gemeten op voedselverspilling. We kunnen hier dan ook een grote impact tegen voedselverspilling maken.

Voedselverspilling meten in fases van het voedingsproces

Door stelselmatig te meten of voedselverspilling plaatsvindt, heeft een zorgorganisatie een handige indicator waarmee duidelijk wordt of het eten en drinken effectief, efficiënt en passend wordt bereid en geserveerd. De meest efficiënte momenten om verspilling te meten zijn in de voorraad, na het bereiden van de maaltijd en na consumptie. Om op deze momenten zo goed mogelijk de verspilling te meten, zijn wij op dit moment bezig met de ontwikkeling van de WasteWijzer© app.

Midsection of saleswoman scanning label on food container. Female deli owner is using smart phone in store. She is wearing denim overalls.

De methode van de WasteWijzer© is ook toegespitst op de werkwijze op afdelingen: het past zo goed mogelijk binnen het werkproces, zodat de tijdsinvestering geminimaliseerd kan worden. Door het analyseren van de data en het vertalen naar een actieplan, kunnen processen daadwerkelijk in de praktijk verbeterd worden: blijvende impact door interne borging. Samen op weg naar een nog duurzamere zorgsector.

De eerste lichting Avoord medewerkers heeft de training slikproblemen succesvol afgerond. De training is opgezet door SYNDLE en is gericht op zowel helpende en verzorgenden, die ondersteunen bij het eten en drinken, als op gastvrouwen en -heren die ook bereiden. Met E-learnings en training door de ervaren logopedist Judith Bos werd uitleg gegeven over slikprocessen. Ruud Verkaaik van Care Culinair nam de medewerkers in een aantal workshops mee in de theorie van het IDDSI-model en koppelde dit aan praktijk van het maken en beoordelen van passende recepten en mooie opmaak.

Kennis opbouwen

Meer dan de helft van alle ouderen krijgen te maken met slikproblemen. Ondervoeding ligt op de loer als slikproblemen niet tijdig geconstateerd worden. Verwarrende termen zoals ‘vladikte’ en ‘grofgemalen’ waren de aanleiding voor Avoord om de samenwerking met Syndle te zoeken voor deze training. De consistentie van A-merk vla is beduidend dikker dan van dezelfde smaak huismerk vla. Het redelijk nieuwe IDDSI-model gebruikt onder andere lepels, vorken en spuitjes om de vloeibaarheid te testen aan de hand van internationaal vastgestelde richtlijnen. De eetgewoontes van verschillende culturen komen terug in de test. In andere delen van de wereld gebruiken ze bijvoorbeeld eetstokjes tijdens de controle.

 

Tijdens de eerste theorieles leerden deelnemers wat dysfagie betekent en hoe je slikproblemen herkent. Daarnaast maken deelnemers kennis met het IDDSI-model. Wanneer slikproblemen gesignaleerd worden neemt de logopedist een slikanalyse af en bepaald welk IDDSI-niveau de consistentie moet zijn. De praktijkles die daarop volgt begint met het herhalen van de theorie. Trainer Ruud Verkaaik vertelt: ‘De test met de spuiten vinden deelnemers vaak erg leuk, die informatie blijft wel hangen. De rest van de theorie frissen we op en samen gaan we verder met het uitdiepen van het IDDSI-model en de verschillende testmethodes.’

Altijd wel een alternatief

Gestimuleerde zintuigen zijn belangrijk voor de optimale beleving van een maaltijd. Tijdens de training leren deelnemers hoe mensen met dysfagie tijdens de bereiding van een gerecht al betrokken worden en de geuren meekrijgen. Het water moet ze in de mond lopen, letterlijk en figuurlijk. Gelukkig bestaat er voor vrijwel alle gerechten een variant die in de buurt komt van het origineel. Zelfs pizza staat op het menu wat de zes horecadames van Avoord klaarmaken. Ruud Verkaaik benadrukt: ‘We willen laten zien dat je zeker niet afhankelijk bent van pappen. Smaakmakers zoals kerrie en gembersiroop versterken elkaar, hiermee creëer je al snel een oosterse smaakbeleving zonder toegevoegd zout.’

Pizza op IDDSI 5 niveau

Verdikken of aanlengen? Meten is weten

Hoewel waterinname belangrijk is voor de vochtbalans voegt het weinig toe. Trainer Ruud Verkaaik leert de medewerkers van Avoord dat zuivel beter het eiwit- en vetgehalte op peil houdt. Het risico van standaard verdikkingsmiddelen komt ook aan bod. Deze blijven vaak indikken, zelfs na het uitserveren. De veiligste optie in dat geval is een kant-en-klare verpakking.

De tip van de dag? Altijd nagaan of het gerecht nog de juiste consistentie heeft, en bovenal, ziet het er smakelijk en representatief uit? Met Coaching on the Job geeft Care Culinair iedere organisatie gepersonaliseerde handvaten om dagelijks lekker en kwalitatief goede voeding in de zorg te realiseren.

Sjel Blanckers en Janneke Evers hebben een passie voor zorg. In de loop der jaren deden ze nodige ervaring op: Sjel als ambulanceverpleegkundige en Janneke in de huisartsenzorg. Samen zochten ze een nieuwe uitdaging en kwamen in contact met Proteion. De zorgorganisatie ondersteunt startende zorgondernemers, zoals Sjel en Janneke. Zo zijn zij midden in de dorpskern van Posterholt het woonzorgcentrum De Postaert begonnen. Wonen en welzijn staan voorop in het warme woonzorgcentrum. De Postaert kijkt altijd naar de mogelijkheden van de individuele bewoner, rekening houdend met de lokale cultuur. De belevingsgerichte zorg is Powered by Proteion. Sjel en Janneke wilden, na de opstart van de Postaert in januari 2022, de bereiding van de vers gekookte maaltijden optimaliseren. In samenwerking met Care Culinair maakte De Postaert flink wat meters wat betreft de kwaliteit en organisatie rondom het eten en drinken.

Iedereen wordt vrolijk van goed eten en drinken
De keuze om het eten en drinken aan te pakken was niet meer dan logisch volgens Sjel. ‘Janneke en ik worden zelf ook vrolijk van lekker eten en drinken. Het is iets wat je iedere dag opnieuw doet. We merkten dat voeding in de zorg vaak kwam in de vorm van opgewarmde maaltijden. Voor ons was het een logische stap om juist daarop te focussen.’

Cliënten staan voorop
Proteion adviseerde De Postaert, vanuit goede ervaringen om contact op te nemen met Care Culinair. Na een aantal fijne, open gesprekken is Care Culinair aan de slag gegaan. Peter Broekhof, projectleider van Care Culinair, begon met een analyse. ‘In tegenstelling tot grotere zorginstellingen, waarbij je met veel medewerkers te maken hebt, was ons project bij De Postaert kort en krachtig. We namen de visie rondom eten en drinken onder de loep, waaruit bleek dat de bewoner écht voorop staat. Ze willen de cliënten met verse maaltijden zo goed en zelfstandig mogelijk laten genieten van eten en drinken.’

Snelle verbeteringen

Nadat de visie van De Postaert wat betreft eten en drinken helder was, begon Peter met een scan van de organisatie. ‘Uit de scan van de organisatie merk je als expertisepartner al gauw waar de zogenaamde quick wins te behalen zijn. Zo maakte het team van het woonzorgcentrum nog onvoldoende gebruik van apparatuur die hun werk makkelijker maakt, zoals bijvoorbeeld een stoomoven. Door samen met de medewerkers een aantal bereidingstechnieken te oefenen en verse gerechten te bereiden leren ze op een efficiënte wijze de kwaliteit van het eten en drinken binnen de zorgorganisatie te verbeteren.’

Positieve reacties

De reacties van de cliënten zijn erg positief, weet Sjel. ‘Het eten wordt op een goede manier bereid. Vanuit de cliëntenraad en van de cliënten horen we dat het verse eten erg wordt gewaardeerd.’ Ook de samenwerking met Care Culinair roept positieve reacties op bij Sjel en Janneke. ‘De samenwerking liep fantastisch. Care Culinair luistert aandachtig naar onze wensen en neemt ons mee in het gehele proces.’

Toekomstplannen

In de toekomst blijft er nauw contact tussen De Postaert en Care Culinair vertelt Sjel. ‘We willen structureel elk jaar een “refresh” sessie krijgen. Zo frissen huidige medewerkers hun kennis op en krijgen nieuwe medewerkers waardevolle informatie over hoe we met eten en drinken hier om willen gaan. Voor die scholing gaan we uitsluitend naar Care Culinair.’